Verkoop van een verhuurd onroerend goed.

Bij sommige huurders stort blijkbaar hun wereld in, wanneer zij vernemen dat hun huidige verhuurder het gebouw wenste te verkopen.

Een dergelijke melding is - zoals velen totaal onterecht denken - helemaal geen opzegging van de huurovereenkomst!

Een verkoop van een onroerend goed, verandert in wezen niets van het bestaande huurcontract.

De nieuwe eigenaar dient dus ook de bepalingen van het huurcontract te respecteren.

Wat bij het overlijden van de huurder (bis) ?

In een eerdere bijdrage kon u al lezen dat krachtens art 1742 B.W. een huurovereenkomst niet automatisch ontbonden wordt door het overlijden van de huurder.

Art. 1742 B.W. is evenwel van suppletief recht en partijen kunnen hier dus van afwijken. 

Let wel. Dit dient via een omweg te gebeuren, aangezien art. 1762bis B.W. duidelijk stelt dat de uitdrukkelijk ontbindende voorwaarde in huurcontracten voor niet geschreven wordt gehouden. 

Wat bij het overlijden van de huurder?

Met de verdere vergrijzing van onze maatschappij gebeurt het vrij regelmatig dat een huurder komt te overlijden.

Er stelt zich geen probleem indien de nalatenschap aanvaard wordt door de erfgenamen. 

Erger is natuurlijk wanneer niemand de erfenis komt opeisen. De huurovereenkomst is immers krachtens art. 1742 B.W. niet automatisch ontbonden bij het overlijden !

Dit impliceert dan ook dat u het pand niet zomaar kan betreden, leegmaken en opnieuw kan verhuren. 

Huur

Iedereen heeft ooit wel eens te maken met een vorm van huur.

Dit kan gaan van een normale woninghuur, handelshuur of pacht.

De huur van diensten of aanneming valt strikt genomen ook onder huur. Deze speciale vorm wordt voornamelijk behandeld onder het bouwrecht.

Alhoewel huur zeer goed ingeburgerd is bij de mensen, bestaan er toch heel wat misverstanden.

Soms kan een dergelijke vergissing zeer néfaste gevolgen hebben. 

Daarom is het belangrijk om zich vanaf het begin deskundig te laten bijstaan. 

Woninghuur en de registratie van het huurcontract

Sedert 01.01.2007 moeten de meeste huurcontracten verplicht worden geregistreerd.

Alhoewel dit gratis is, wordt dit nogal vaak door verhuurders vergeten.

Vooral in de Woninghuurwet is de sanctie bijzonder streng.

Naast de –vrijwel niet toegepaste- administratieve boete van 25 € is er in art. 3 §5 lid 3 Woninghuurwet voorzien dat de huurder in dergelijk geval geen rekening moet houden met een opzegtermijn en geen vergoeding moet betalen.
Deze burgerlijke sanctie is van dwingend recht, zodat partijen hier niet zomaar kunnen van afwijken !

AirBnb en mede-eigendom

In een eerder artikel onderzochten we reeds of een huurder een kamer mag onderverhuren via AirBnb

Veel syndici hebben zich ook al het hoofd gebroken over het feit of dit toegelaten is door een mede-eigenaar. 

In België is daar nog niet veel rechtspraak over terug te vinden. Bij onze noorderburen zijn er wel al enkele precedenten gekend (cfr. beschikking van het Gerechtshof van Amsterdam van 10 september 2013).

Verhuur via AirBnb

Enkele maanden terug was er veel te doen omtrent een huurder in het pittoreske Brugge die een kamer verhuurde via AirBnb.

Vooral populaire grootsteden worden momenteel geconfronteerd met dit fenomeen.

Strikt genomen is het onderverhuren van een gedeelte van een huurwoning niet verboden door de wetgever. Er is hiervoor zelfs een specifieke regeling voorzien (cfr. art. 4 §2 Woninghuurwet).

Evenwel wordt onderverhuur meestal wel uitgesloten in de huurovereenkomst.

Abonneer op Huur - Handelshuur