BLOG

Advocaat Vanspeybrouck

Overmacht in tijden van Corona

15-03-2020 Burgelijk Recht

Gelet op de draconische maatregelen van de Federale Overheid gaan veel geplande evenementen (tijdelijk) niet door. 

Velen vragen zich dan af welke partij in dergelijk geval het verlies draagt ?

Rechtspraak en rechtsleer gaan er van uit dat er pas sprake kan zijn van een dergelijke ontoerekenbare niet-nakoming van de verbintenis indien het voorval:

  • onvoorzienbaar was bij de contractsluiting;
  • niet kon worden voorkomen, noch vermeden.

Een bijkomende voorwaarde is dat de debiteur op het ogenblik van het voorval nog niet in gebreke mag gesteld zijn om zijn verbintenis na te komen (art. 1302 B.W.). 

Is de onmogelijkheid tot nakoming eerder van tijdelijke aard, dan zal de verplichting om te presteren eerder opgeschort worden. 

Is er echter sprake van een blijvende onmogelijkheid, dan is de debiteur van rechtswege bevrijd van zijn/haar prestatieplicht. Dit betekent ook dat de schuldeiser ook bevrijd is van zijn/haar verplichting om te betalen. Een reeds betaalde vergoeding zou dus moeten worden terugbetaald. 

Opgelet! Deze regels zijn van suppletief recht, wat betekent dat partijen hier in overeenkomsten of algemene voorwaarden kunnen van afwijken. 

Voor meer informatie over dit onderwerp kan u contact opnemen met ons kantoor.