BLOG

Advocaat Vanspeybrouck

Burgelijk Recht


In deze coronatijden zijn enkel noodzakelijke of essentiële verplaatsingen toegelaten. 

Wat dan met de verblijfsregeling van de kinderen?

De maatregelen van de regering verbieden op dit ogenblik niet dat minderjarigen naar hun ouders worden gebracht. De voorziene wissels in het kader van de verblijfsregeling kunnen dus blijven plaatsvinden. 

In een richtijn van de Orde van Vlaamse Balies zijn er volgende uitzonderingen voorzien op deze regel: 

  • de ouders komen zelf overeen om af te wijken van de verblijfsregeling;
  • is het kind besmet met corona, laat het kind dan uitzieken bij de ouder bij wie het verblijft;
  • is de ouder bij wie het kind verblijft, besmet met corona, breng het kind dan niet over naar de andere ouder, maar laat het verblijven bij de zieke ouder;
  • is de ouder naar wie het kind moet worden overgebracht, besmet met corona, breng het kind dan niet over naar de zieke ouder;
  • is een andere persoon die bij de ouder inwoont, besmet met corona (bijvoorbeeld de plusouder, de grootouder of een andere  persoon), dan gelden dezelfde regels.

Er wordt wel gevraagd om geen misbruik te willen maken van deze specifieke situatie. 

Een besmetting met COVID19 kan worden gestaafd d.m.v. een medisch attest. 

Indien u meer informatie wenst, dan kan u ons vrijblijvend hiervoor contacteren

Indien een huurder zijn verplichtingen niet meer nakomt, dan kan de verhuurder deze uit de woning laten zetten door een gerechtsdeurwaarder. 

Hiervoor is er wel vereist dat men over een uitvoerbaar vonnis beschikt die die door een deurwaarder werd betekend aan de huurder. 

De Vlaamse Regering heeft in datum van 27.03.2020 beslist dat er omwille van de corona-crisis er voorlopig geen uithuiszettingen meer mogen doorgaan. De laatste dag van deze civile noodsituatie m.b.t. de volksgezondheid is momenteel vastgesteld op 17.07.2020. Het Brussels Gewest en het Waalse Gewest hebben ook al een gelijkaardige regeling getroffen. 

Het verbod op uithuiszettingen of het feit dat er een corona-crisis heerst impliceert niet dat de huurder zijn/haar verplichtingen mag stopzetten.  

Meer informatie gewenst over dit onderwerp? Neem dan vrijblijvend contact met ons op. 

In een vorige blogpost hebben wel al de normale wettelijke regeling aangehaald i.v.m. overmacht. 

Ondertussen heeft de Federale regering een nota gepubliceerd inzake het verbod van de privé- en publieke activiteiten van culturele, maatschappelijke, feestelijke, folkloristische, sportieve en recreatieve aard. 

Er werd met name verduidelijkt wie er voor de kosten opdraait indien de activiteit niet kan doorgaan. 

Er is hierin duidelijk verklaard dat de organisator van het event een tegoedbon kan geven aan al diegenen die een toegangsticket kochten. De organisator is dus geenszins verplicht om zomaar de betaalde gelden terug te storten. 

Een tegoedbon kán:

  • Als de activiteit op een latere datum georganiseerd wordt op dezelfde plaats, of op een plaats die in de buurt ligt.
  • Als die activiteit georganiseerd wordt binnen het jaar na het uitreiken van de tegoedbon.
  • De tegoedbon ‘vertegenwoordigt de volledige waarde van het bedrag dat voor het oorspronkelijke toegangsbewijs werd betaald’.
  • Er worden de houder geen kosten aangerekend voor het afleveren van de tegoedbon.
  • Op de tegoedbon staat uitdrukkelijk dat die werd afgeleverd omwille van de coronacrisis.

De houder van het ticket kan echter eisen dat het ticket terugbetaald wordt als hij kan bewijzen dat hij verhinderd is op de nieuwe datum waarop het evenement zal plaatsvinden.

Ook als het evenement niet opnieuw georganiseerd wordt, heeft de houder van het toegangsbewijs recht op terugbetaling van zijn ticket of tegoedbon, tegen de prijs van het oorspronkelijke toegangsbewijs.

De organisator moet het ticket dan tegen 19 juni 2020 ten laatste terugbetalen.

Contacteer ons indien u meer informatie wenst over dit onderwerp.

Gelet op de draconische maatregelen van de Federale Overheid gaan veel geplande evenementen (tijdelijk) niet door. 

Velen vragen zich dan af welke partij in dergelijk geval het verlies draagt ?

Rechtspraak en rechtsleer gaan er van uit dat er pas sprake kan zijn van een dergelijke ontoerekenbare niet-nakoming van de verbintenis indien het voorval:

  • onvoorzienbaar was bij de contractsluiting;
  • niet kon worden voorkomen, noch vermeden.

Een bijkomende voorwaarde is dat de debiteur op het ogenblik van het voorval nog niet in gebreke mag gesteld zijn om zijn verbintenis na te komen (art. 1302 B.W.). 

Is de onmogelijkheid tot nakoming eerder van tijdelijke aard, dan zal de verplichting om te presteren eerder opgeschort worden. 

Is er echter sprake van een blijvende onmogelijkheid, dan is de debiteur van rechtswege bevrijd van zijn/haar prestatieplicht. Dit betekent ook dat de schuldeiser ook bevrijd is van zijn/haar verplichting om te betalen. Een reeds betaalde vergoeding zou dus moeten worden terugbetaald. 

Opgelet! Deze regels zijn van suppletief recht, wat betekent dat partijen hier in overeenkomsten of algemene voorwaarden kunnen van afwijken. 

Voor meer informatie over dit onderwerp kan u contact opnemen met ons kantoor. 

 

Betalingen strikt opvolgen en onmiddellijk reageren bij huurachterstal!

Zowel bij huurders als bij verhuurders bestaan er heel wat misverstanden bij de betaling van de huur. 

In een vorige blogpost maakten we al duidelijk dat een huurder niet zomaar eenzijdig kan beslissen om gedeeltelijk of geheel de huur in te houden.

Daarenboven moet er helemaal niet gewacht worden totdat er een huurachterstand is van 3 maanden vooraleer een procedure te kunnen opstarten. 

Er moet rekening worden gehouden met het feit dat er heel wat stappen moeten worden ondernomen vooraleer een onwillige huurder uit de woning kan worden gezet. U mag daarbij rekenen op een doorlooptijd van zo'n drie maanden.

Het is dus belangrijk om de betalingen strikt op te volgen en al bij de eerste maand huurachterstal, een procedure te overwegen. 

Meer info gewenst? Contacteer ons vrijblijvend!